Een Goede Loopbaan

Ter ere van het 100-jarig bestaan van de NSvP (Nederlandse Stichting voor Psychotechniek) schreef Jouke Post een whitepaper met als titel ‘Een goede loopbaan’ en ondertitel ‘Een visie op responsieve loopbanen en keuzes in een breder belang’. Een pleidooi voor herijking en een nieuwe balans tussen persoonlijke waarden en collectieve noden bij loopbaankeuzes. Niet primair als vertolking van een eigen mening, maar vanuit een gezamenlijke urgentie: er dreigt een crisis op de arbeidsmarkt die ons allemaal gaat raken. Eén die om actie en ingrijpen vraagt.

Onze expert LOB vo Barbara Dresen schreef voor BiOND Magazine onderstaand artikel. Daarnaast schreef ze ook voor LoopbaanVisie een artikel over De Goede Loopbaan. Dit artikel is hier als pdf terug te lezen.

Zijn whitepaper gaat dus verder dan een terugblik of stilstaan bij een jubileum. Het is een opdracht voor de toekomst. Om de verstoorde balans te herstellen en zowel beleidsmakers als loopbaanbegeleiders mee te nemen in zijn overtuigingen. En zo van betekenis te kunnen zijn binnen zijn geliefde interessegebied: dat van mens en arbeid. Het is een eer om namens BiOND in gesprek te mogen gaan met een bevlogen wetenschapper over loopbaanbegeleiding. Aan het woord: Jouke Post.

Jouw eigen loopbaan, hoe zag die eruit?

“Hoewel ik het liefst geschiedenis wilde gaan studeren, startte ik na het vwo aan de Academie Mens en Arbeid in Tilburg. Ik specialiseerde mij vervolgens in het begeleiden van chronisch zieke jongeren. Hoe gaat het met je loopbaan en met je studiekeuze als je bijvoorbeeld een hartafwijking hebt? Toen deze baan stopte ben ik als docent begonnen in Deventer waar inmiddels ook de opleiding Mens en Arbeid werd aangeboden. Ik had toen al een sterke connectie met het vakgebied. Later heb ik nog de studie bestuurskunde gedaan. Zo ontdekte ik drie interessegebieden: theorie (kennis vergaren), praktijk (vertalen en zingeven) en beleid. Ze spreken me alle drie tot op de dag van vandaag aan.”

En hoe ziet jouw werk er nu uit?

“Sinds 2017 combineer ik twee banen. Ik werk als onderzoeker voor Hogeschool Saxion bij een lectoraat met als speciale aandachtsgebieden de arbeidsmarkt en loopbanen. Daarnaast werk ik bij de CNV voor ‘James’. Dit is een loopbaanbureau dat werkt binnen de context van de vakbond. Ik houd me dus nog steeds bezig met de relatie tussen mens en arbeid.”

Je whitepaper start met een historisch overzicht. Wat is een belangrijk kantelpunt in de geschiedenis als het gaat om loopbaanbegeleiding?

“In het begin van de 20e eeuw vinden er economische en maatschappelijke ontwikkelingen plaats. De industrialisatie neemt toe en er ontstaan nieuwe vragen ten aanzien van beroepskeuze. Er wordt meer systematisch over beroepskeuze nagedacht. Kernvraag hierbij: hoe kun je mensen op een rationele manier koppelen aan beroepen en vice versa? Zo ontstaat de matchingtheorie. Verschillende pioniers gaan aan de slag met dit thema. In Nederland was dat onder andere David van Lennep met zijn ‘Platentest’. Een heel subjectieve keuzetest, maar destijds echt vernieuwend. Zo vindt er een verandering plaats in de manier waarop men over mens en arbeid denkt, een prille start van loopbaanbegeleiding.”

Met een verschuiving van het denken vanuit het collectieve naar het individuele?

“Ik kies voor de termen ‘sociale fit’ en ‘persoonlijke fit’. Er wordt in de loop van de 20ste eeuw steeds meer ingezoomd op individuele kwaliteiten en wensen (het willen) in plaats van wat er verwacht wordt of nodig is (het moeten). In het prachtige boek ‘Sources of the self’ gebruikt Charles Taylor de term ‘moderne zelfopvatting’. Mensen gingen steeds meer denken en handelen vanuit dit persoonlijke en individuele perspectief.”

Zijn we inmiddels te ver afgedreven van het collectieve belang?

“Het ging lang goed en zonder al te veel fricties. Individuele loopbanen pasten bij de collectieve arbeidsverdeling. Maar nu piept en kraakt het systeem. Er dreigen ernstige tekorten op de arbeidsmarkt. Niet alleen qua aantal arbeidskrachten in het algemeen, maar er zijn ook te weinig goed opgeleide mensen voor specifiek werk. Dat gaat consequenties hebben voor ons allemaal.”

Terug naar de sociale en persoonlijke fit. Je geeft deze weer in de vorm van een lemniscaat (het eeuwigheidsteken). Hoe ziet de ideale balans er binnen een loopbaan uit, wanneer kruisen ze elkaar?

“Ik denk dat in een goede loopbaan, want daar heb je het over, de persoonlijke fit helpend is aan de sociale fit. Kun je doen waar je goed in bent, waar je van houdt, en hiermee tegelijkertijd van betekenis zijn? Is dat wat je met plezier en jouw kwaliteiten doet van toegevoegde waarde voor de maatschappij? Daar vindt de verbinding tussen de persoonlijke en sociale fit plaats. Ik denk overigens dat de persoonlijke fit altijd leidend zal blijven bij keuzes binnen een loopbaan, maar we moeten meer nadenken over de wereld waarin we leven en de plaats die arbeid in deze wereld heeft. Dat is voor mij een cruciaal punt.”

Hoe vertaalt zich dit naar een LOB-gesprek van een decaan, SLB-er of mentor?

“Het gaat nog steeds primair om het individuele loopbaanperspectief. Het gesprek met een leerling of student vertrekt dus bij de persoonlijke fit, bij het individuele ‘willen’. Vervolgens kijk je naar de maatschappelijke waarde en het collectieve belang en zoek je samen naar een optimale aansluiting. Zorg dat je in dit gesprek ook het werkveld meeneemt. Het UWV levert bijvoorbeeld goede arbeidsmarktinformatie die je kunt gebruiken. Er zijn lijsten van krapte- en overstapberoepen. Met als kanttekening: prognoses zijn altijd ‘met potlood’ en niet langer dan vijf jaar houdbaar. We kunnen de toekomst niet voorspellen. Maar wat wel beschikbaar is: zet dit in!”

Wat betekent dit inhoudelijk voor LOB?

“De huidige generatie studie- en beroepskiezers zal zichzelf vaker moeten uitvinden. Ze zullen gedurende hun loopbaan momenten moeten inbouwen om stil te staan en te evalueren: ‘Ben ik nog waar ik wil zijn? Past wat ik nu moet doen bij mijn huidige kwaliteiten en interesses? Hoe verandert mijn werkveld?’ Dat vraagt weer- en wendbaarheid. Keuzevaardigheid ook. En dus om goede en vroeg startende LOB op scholen. Waarbinnen zeker ook aandacht is voor de loopbaancompetenties die Marinka Kuijpers zo treffend omschreven heeft.”

Je pleit ook voor ‘waardengedreven loopbaanbegeleiding’?

“Eén van de dingen waar ik op uitkom is dat je de diepere laag van het willen moet zien te verbinden met sociale fit. En dat je waarden hierbij meer centraal moet stellen. Bijvoorbeeld in het LOB-gesprek. Dus niet alleen ‘wie ben je, wat kun je en wat wil je’, maar ook: ‘waar of op welke manier wil je van betekenis zijn?’”

Je introduceert de term ‘responsieve loopbaan’. Hoe ziet deze eruit?

“In een responsieve loopbaan probeer je de persoonlijke fit en sociale fit optimaal en duurzaam te combineren. Daarbij moet het onderwijsveld aansluiten op de arbeidsmarkt. Zij vormen samen een systeemwereld met tandwielen en raderen. De responsieve loopbaan zal bijdragen aan een betere aansluiting tussen beide systemen.

Daar ligt ook een grote en nieuwe uitdaging. Het onderwijs wordt gefinancierd uit publieke middelen. We moeten en willen verantwoorden wat nuttig en nodig is. Je wilt mensen niet opleiden voor werk wat er niet is of in de toekomst verdwijnt. Ga je daar als overheid op sturen? En hoe zorg je voor onderwijs dat aansluit bij een continu en snel veranderende arbeidsrealiteit?”

Hier klinkt een minister of staatssecretaris van onderwijs in de dop. Wat zou jij doen als jij deze rol kreeg?

“Ik zou het debat organiseren. Een netwerkorganisatie in het leven roepen die serieus moet gaan nadenken over de kwestie waar wij nu over spreken. Wat is wijsheid? Hoe gaan we dit doen? En vooral: samen. Met alle betrokken instanties en organisaties. Dat zou mijn eerste stap zijn.”

Tot slot wijs ik Jouke op de openingszin van zijn whitepaper, een citaat van Frank Parsons uit 1909: ‘Geen stap in het leven, tenzij het de keuze van een man of vrouw is, is belangrijker dan de keuze van een beroep’. Hoe ziet Jouke dit na afronding van zijn whitepaper in 2026?

(Lachend) “Ik tip in dit licht graag het boek Just Work van Russell Muirhead. Hij zegt door de titel van zijn boek: laten we werken aan rechtvaardig werk. Maar ook: relativeer. ‘Werk is just work’. Niet meer en ook niet minder: gewoon werk. Geef werk dus de juiste waarde. Geen citaat van mijzelf, maar wel een mooie slotgedachte.”

Een mooie spreuk voor een BiOND-ansichtkaart?

(Even stil)… “Nee. Daarop zou ik zetten Waarvoor wil jij van toegevoegde waarde zijn?”

Vergelijkbare berichten